Mariën's blog

Voordeel alle aard woningen: nieuwe richtlijnen zitten in de pijplijn

De regering heeft recent van de rechtbank onder zijn voeten gekregen. Het forfaitair voordeel voor het gratis gebruik van een woning werd tot voor kort te zwaar belast.

 

In de klassieke formule werd een factor van 3,8 gebruikt voor rechtspersonen en 1,4 voor natuurlijke personen. De rechtspraak beschouwt dit grote verschil als ongrondwettelijk, zijnde in strijd met het gelijkheidsbeginsel.

 

Na vele maanden overleg ligt er een voorstel op tafel: rechtspersonen en natuurlijke personen worden op dezelfde lijn geplaatst. Beide categorieën zullen van dezelfde factor gebruik kunnen maken.

 

Nieuwe factor

 

De nieuwe factor die momenteel op tafel ligt is 2. Dit dus voor zowel rechtspersonen als natuurlijke personen.

 

De nieuwe formule zal er als volgt uitzien: VAA-woning = geïndexeerd KI x 100/60 x 2

 

Tot slot dient nog benadrukt te worden dat er door het aanpassen van het VAA een onevenwicht kan ontstaan met de gemaakte kosten in de vennootschap. Hierdoor is het niet uitgesloten dat de administratie de kostenaftrek in hoofde van de vennootschap wenst aan te vechten. Een zekere waakzaamheid is dus geboden bij vruchtgebruikconstructies.  

 

Vanaf wanneer?

Fiscaaltechnisch gezien kan de nieuwe formule terugwerken tot 1 januari 2018, dit wel op voorwaarde dat de wetswijziging vóór eind 2018 gepubliceerd zal worden in het Belgisch staatsblad. Het zou dus perfect mogelijk zijn dat de nieuwe formule pas vanaf 1 januari 2019 zal worden opgelegd.

Voorafbetalingen 2018: data en vermeerderingspercentage

In 2018 wordt het meer dan ooit van belang voor vennootschappen om uw voorafbetalingen niet te vergeten. De aanzienlijke belastingvermeerdering kan mogelijk zijn gevolgen hebben. Trachten deze te vermijden is bijgevolg de boodschap.
 
Data 2018
 
U moet uw voorafbetalingen ten laatste doen op
 
• 10 april 2018 (voorafbetaling 1)
• 10 juli 2018 (voorafbetaling 2)
• 10 oktober 2018 (voorafbetaling 3)
• 20 december 2018 (voorafbetaling 4).
 
Deze data gelden voor ondernemingen waarvan het boekjaar samenvalt met het kalenderjaar.
 
Vermeerderingspercentage minstens 6,75 %
 
Het vermeerderingspercentage voor aanslagjaar 2019 (inkomsten van 2018) bedraagt 2,25 keer de basisrentevoet van 3%. Daardoor bedraagt het vermeerderingspercentage in de vennootschapsbelasting minimaal 6,75%.
 
Vennootschappen worden vanaf aanslagjaar 2019 (boekjaar dat start vanaf 1 januari 2018) vanaf de eerste euro gesanctioneerd.
 
Ook ondernemers in de personenbelasting moeten voorafbetalingen doen. Voor hen blijft het vermeerderingspercentage voor 2018 op 2,25 %.
 
Een voorbeeld
 
Over de inkomsten van 2018 is uw vennootschap 150.000 euro belastingen verschuldigd.
 
Als u geen voorafbetalingen doet bent u 10.125 euro vermeerdering verschuldigd 
(= 150.000 x 6,75 %). Door voorafbetalingen te doen, vermijdt u deze vermeerdering.
 
U doet voorafbetalingen op 10 april (50.000), 10 oktober (30.000) en 20 december (40.000). Op 10 juli doet u geen voorafbetalingen.
 
• 10 april: 50.000 × 9,00 % = 4.500 euro
• 10 juli: 0 × 7,50 % = 0 euro
• 10 oktober: 30.000 × 6,00 % = 1.800 euro
• 20 december: 40.000 × 4,50 % = 1.800 euro
• Totaal = 8.100 euro
 
Uw vennootschap heeft onvoldoende voorafbetalingen gedaan en is een vermeerdering van 2.025 euro (10.125 – 8.100) verschuldigd.
 
Kleine vennootschappen worden gedurende de eerste drie boekjaren vanaf hun oprichting niet geconfronteerd met een belastingvermeerdering.
 
Hetzelfde geldt ook voor zelfstandigen die zich in de vorige drie jaren voor de eerste maal als zelfstandige in een hoofdberoep hebben gevestigd. 
 
Bonificatie
 
Een bonificatie, zijnde een belastingvermindering, kan worden verleend aan alle natuurlijke personen (NOOIT aan vennootschappen en bedrijfsleiders) die nog belastingen op hun inkomsten verschuldigd zijn.
 
• 1ste voorafbetaling: 1,5%
• 2de voorafbetaling: 1,25%
• 3de voorafbetaling: 1,00%
• 4de voorafbetaling: 0,75%
 
Hierover meer weten? Neem gerust met ons contact op.

Pensioensparen in 2018: zomaar meer storten voor meer voordeel?

In het zomerakkoord besloot de regering om het bedrag van pensioensparen op te trekken.

Het belastingvoordeel van 30% op stortingen voor uw pensioensparen blijft ongewijzigd zolang u niet meer dan 960 euro stort. Dit betekent dat uw belastingvoordeel kan oplopen tot 288 euro.

Een nieuwigheid voor 2018 is wel dat u tot 1.230 euro zal kunnen storten.

Zoals u kon verwachten zit er wel een addertje onder het gras. Stort u meer dan 960 euro, dan daalt het belastingvoordeel van 30 naar 25%.

Belangrijk om  weten is dat het gedaalde belastingvoordeel op het volledige bedrag van toepassing is. Het is dus perfect mogelijk dat u minder belastingvoordeel zal genieten, ook al stort u meer.

 

Hoeveel te betalen om het onderste uit de fiscale kan te halen?

Als u 960 euro stort in 2018 geniet u een belastingvermindering van 288 euro.

Stort u meer dan 960 euro, maar minder dan 1.153 euro, dan is uw belastingvoordeel kleiner. Stel u stort 1.100 euro, dan bedraagt uw belastingvermindering 275 euro, minder dus dan de 288 euro die u zou bekomen als u slechts 960 had gestort.

Pas vanaf het moment dat u meer stort dan 1.153 euro bent u fiscaal voordeliger af. Al is het effectieve belastingvoordeel amper de moeite waard.

Stel dan u het maximumbedrag van 1.230 euro stort, dan zal uw belastingvoordeel amper 19,50 euro hoger liggen dan wanneer u 960 euro stort.

Op zoek naar een nieuwe functie ? Wil je een functie uitoefenen binnen een omgeving die je ondersteunt en begeleidt?

Wij werven nieuwe krachten aan. Ben jij op zoek naar jouw droomjob? Ontdek dan vandaag wat ons kantoor je te bieden heeft.

Wij zijn op zoek naar:

  • Junior boekhouder/accountant
  • Senior boekhouder/account

Aarzel niet om een kijkje te nemen in onze vacatures (http://www.boekhoudkantoormarien.be/vacatures)

 

 

Starterskorting

De regering wil startende ondernemers wat meer ademruimte geven, dit in het bijzonder om hun sociale bijdragen tijdig te betalen. Hiervoor heeft ze een maatregel uitgewerkt die in gaat op 1 april 2018, de zogenaamde starterskorting.
 
Welke zelfstandigen komen in aanmerking?
  • Alle zelfstandigen in hoofdberoep die starten vanaf 1 april 2018
  • Alle zelfstandigen in bijberoep die de aansluiting wijzigen naar hoofdberoep
  • Alle student-zelfstandigen die de aansluiting wijzigen naar hoofdberoep
Een extra voorwaarde is dat je 20 kwartalen voorafgaand aan de starterskorting geen zelfstandige in hoofdberoep was.
 
Ben je gestart vóór 1 april 2018, maar nog in de eerste vier kwartalen van je aansluiting? 
Dan heb je nog recht op de korting vanaf 1 april 2018 tot en met het vierde kwartaal van je aansluiting.
 
Welk bedrag?
Een zelfstandige in hoofdberoep betaalt normaal de minimumbijdrage van 715,64 euro per kwartaal. Dit is berekend op een netto belastbaar jaarinkomen van 13.550,50 euro.
 
Vanaf 1 april 2018 zijn er twee extra drempelbedragen, enkel tijdens de eerste vier kwartalen van aansluiting:
  • Jaarinkomen lager dan € 9.033,67 --> € 477,10 per kwartaal
  • Jaarinkomen lager dan € 6.997,55 --> € 369,56 per kwartaal
De som van verschuldigde sociale bijdragen verschilt per sociaal verzekeringsfonds, hierboven werden de bedragen verschuldigd aan Xerius opgenomen.
 
Wat moet je doen om hiervan te genieten?
Ben je zeker dat je inkomen onder een van deze drempels ligt? Bevestig dit schriftelijk aan ons of aan uw sociaal verzekeringsfonds.
 
Opgelet: als later blijkt dat je inkomen toch hoger was, zal je een verhoging moeten betalen.
 
Vraag je de korting niet aan, maar ligt je inkomen toch onder een van deze drempels?
Op het moment dat de FOD Financiën je inkomen doorgeeft aan het sociaal verzekeringsfonds, betalen zij je de te veel betaalde bijdragen terug. Je geniet dus automatisch van deze korting als je inkomen laag genoeg is.
 
Vragen?
Neem gerust met ons contact op.

Telefoonlijn gesloten op dinsdag- en donderdagvoormiddag vanaf 1 februari 2018

Om de goede werking van ons kantoor te garanderen en u een optimale service te blijven aanbieden heeft ons kantoor besloten om onze telefoonlijnen met ingang vanaf 1 februari te sluiten op dinsdag- en donderdagvoormiddag.

Voortaan kan U ons bereiken op volgende momenten:

Maandag                   08.30u – 12.00u en 13.00u – 17.30u
Dinsdag                    13.00u – 17.30u
Woensdag                08.30u – 12.00u en 13.00u – 17.30u
Donderdag               13.00u – 17.30u
Vrijdag                      08.30u – 12.00u en 13.00u – 15.30u

Binnenlandse dagvergoedingen in een nieuw jasje gestoken

Zoals u ongetwijfeld weet kan uw onderneming voor uw werknemers of bedrijfsleiders die vaak op de baan zijn een vergoeding toekennen ter compensatie van de kosten die zij maken tijdens deze dienstreizen. Hierbij worden ofwel de reële kosten betaald ofwel valt u terug op het forfait.

Om deze forfait correct toe te passen is het aangewezen om de forfaits te gebruiken die worden toegekend aan de ambtenaren van de federale overheid.

De voorwaarden waaraan moet worden voldaan om gebruik te kunnen maken van deze forfait, alsook de vooropgestelde bedragen werden vanaf 1 september[1] grondig gewijzigd.

Voortaan zal er slechts aanspraak kunnen worden gemaakt op een vergoeding voor dienstreizen in België op voorwaarde dat volgende regels cumulatief worden voldaan:

  1. de dienstverplaatsing bedraagt minstens 6 uur
  2. er mag geen andere vergoeding ter compensatie van een maaltijdkost worden toegekend

Indien aan bovenvermelde voorwaarden is voldaan kan er een dagelijkse vergoeding voor verblijfkosten worden toegekend ten belope van € 16,73 (niet-geïndexeerd 10 euro). Dit bedrag is volledig belastingvrij.

Daarenboven is er voorzien in een aanvullende vergoeding voor verblijfkosten indien het personeelslid of de bedrijfsleider buiten zijn woonplaats moet logeren en dit de nodige kosten met zich teweegbrengt. Hiervoor moeten de volgende regels cumulatief worden voldaan:

  1. het gaat niet om kosteloze logies
  2. de kosten voor het verblijf worden persoonlijk ten laste genomen, m.a.w. betekent dit dat uw onderneming niet mag instaan voor de kosten die samenhangen met uw verblijf zoals o.a. hotelkosten, kosten ontbijt ed.

Het bedrag van deze vergoeding bedraagt € 125,51 per nacht (niet-geïndexeerd 75 euro).

Combinatie is mogelijk

De reisvergoeding met overnachting sluit die zonder overnachting NIET uit.

U vertrekt bvb. dinsdagmorgen naar een klant in Gent. U neemt onderweg een lunch en ’s avonds overnacht u ter plaatse (inclusief avondmaal en ontbijt).

U heeft dan recht op een vergoeding van € 16,73 voor uw middagmaal én € 125,51 voor de overnachting, ofwel € 142,24.

Maandelijkse forfaitaire kostenvergoeding

Daarnaast voorziet het koninklijk besluit in de mogelijkheid om een maandelijkse forfaitaire kostenvergoeding toe te kennen.

Als de aard van de functie zelf regelmatige prestaties buiten de administratieve standplaats impliceert en in afwijking van de voorwaarde van de duurtijd en de omvang van de verplaatsing, kan er besloten worden om een maandelijkse forfaitaire vergoeding toe te kennen die gelijkstaat met een aantal keren de dagelijkse vergoeding (maximum 16 keer voor voltijdse prestaties).

40 dagen- regel

Er mogen geen dagvergoedingen toegekend worden indien een opdracht bij een klant 40 dagen of langer duurt (deze 40 dagen moeten niet noodzakelijk op elkaar volgen).

Aftrekbaar voor uw vennootschap

De toegekende dagvergoedingen zijn volledig aftrekbare beroepskosten voor uw vennootschap.

Meer info?

Aarzel niet om ons te contacteren indien u meer informatie wenst.

 

[1] de nieuwe regels werden uitgeschreven in het Koninklijk besluit van 13 juli 2017

Verwerpen van btw-aftrek wordt moeilijker

De administratie heeft recent een circulaire gepubliceerd die ervoor zorgt dat de btw-controle voor ondernemingen meer draagbaar zal zijn. Een uitgave zou niet langer puur op basis van vormfouten mogen verworpen worden.

Bij de huidige controles onderzocht de controleur de aankoopfacturen. Er wordt in eerste instantie nagekeken of de uitgaven beroepsmatig zijn en geen privé-uitgaven betreffen. Vervolgens wordt er gekeken of de factuur alle verplichte vermeldingen bevat. Als een van de verplichte vermeldingen ontbreekt, zoals btw-nummer, kan de controleur de uitgave verwerpen. Het feit dat u duidelijk kan aantonen dat dit beroepsmatige uitgaven zijn, speelt dan niet langer een rol.

Met die strenge benadering wordt komaf gemaakt. Ondernemingen krijgen vanaf nu de kans om op basis van andere bewijsstukken zoals leveringsbon, bestelbon, offerte, e-mail, aan te tonen dat de gemaakte uitgave wel degelijk beroepsmatig is en bijgevolg de aangerekende btw aftrekbaar maakt.

Inhoudingsplicht fiscale en sociale schulden: vernieuwde verificatietool

Ondernemingen actief in de bouw-, bewakings- of vleessector moeten nagaan of hun medecontractanten nog openstaande fiscale of sociale schulden hebben. Dit nazicht moet op twee momenten gebeuren, in eerste instantie bij het afsluiten van een contract met een onderaannemer.  Ten tweede bij het uitvoeren van de betaling van elke factuur voor de geleverde werken.

Als een medecontractant openstaande fiscale of sociale schulden heeft, geldt er een zogenaamde inhoudingsplicht. Deze inhoudingsplicht houdt in dat de opdrachtgever openstaande fiscale schulden voor  15% van het factuurbedrag (exclusief btw) moet inhouden en moet doorstorten naar de FOD Financiën. Voor openstaande sociale schulden bedraagt het in te houden bedrag 35% van het factuurbedrag (exclusief btw). Ook dit bedrag moet onmiddellijk doorgestort worden naar de RSZ.

Indien niet aan de inhoudingsplicht voldaan wordt, kan de onderneming aansprakelijk gesteld worden voor de volledige fiscale en/of sociale schulden van haar onderaannemer.

 

Nieuwe tool

Om snel na te gaan of er al dan niet sprake is van inhoudingsplicht, werd recent een nieuwe online tool gelanceerd. Via de website www.checkinhoudingsplicht.be kan met behulp van het ondernemingsnummer van de onderaannemer de status van de onderneming nakijken.

Bij de raadpleging kan ook een attest met beperkte geldigheidsduur worden afgedrukt.

Voor meer info over deze maatregel mag u met een van onze medewerkers contact opnemen.